Leestips

Lees gemakkelijke teksten!

Veel, tamelijk eenvoudige teksten, op je eigen interessegebied, hebben meer effect  dan een paar moeilijke teksten. Als je een tekst zelfstandig gaat lezen, zorg er dan voor dat je minstens 95% begrijpt. Dus dat er per bladzijde maar een paar woorden zijn die je niet snapt/kent. Het gaat erom dat je vlot door kunt lezen. Anders wordt het een woordenboek oefening. Bij vlot doorlezen gebeurt er veel in je hersenen, want je neemt de taal in de context tot je. Onbewust leer je daardoor veel over de taal: hoe de zinnen opgebouwd zijn, hoe werkwoorden worden vervoegd enzovoorts. Leuke vlot leesbare Franse leesboekjes voor beginners tot en met niveau B1 vind je hier.

Bovenstaande blijkt zelfs samen te vallen met iets wat in Japan succesvol gebruikt wordt bij het leren van Engels en heet daar: SSS: Start with Simple Stories. De regels voor SSS – en deze gelden natuurlijk niet alleen voor Engels, maar voor elke taal, dus ook voor Frans:

1) Geen woordenboek gebruiken om alles te lezen (= niet stoppen om woorden op te zoeken). Besteed alleen aandacht aan het verhaal!

2) Zie je een nieuw woord, probeer het te raden. Lukt dat niet? Gewoon door blijven lezen. Geniet van het verhaal!

3) Als na twee of drie bladzijden blijkt dat je het verhaal saai vindt of te moeilijk: pak dan een ander boek. Zorg dat lezen leuk is!

Wil je meer lezen over SSS? Volg dan deze link: SSS Extensive Reading Method Proves To be an Effective Way to Learn English

Leesstrategieën
Kom je toch een moeilijke tekst tegen die je ‘moet’ lezen, maak dan gebruik van leesstrategieën. Er zijn drie hoofdgroepen van leesstrategieën:
1.       Voorspelvaardigheid
2.      Structureren
3.      Gebruik maken van ‘’redundantie’’

 Ad 1. Voorspelvaardigheid

  • koppensnellen. Dat wil zeggen snel een ingang vinden tot een tekst aan de hand van zogenaamde “uitstekende delen”(titel, ondertitels, tussenkopjes, illustraties)
  • verwachtingspatroon opbouwen over tekstinhoud m.b.v. in het oog springende delen van een tekst of snel opzoekbare informatie.
  • Vervolgens checken a.d.h.v. de tekst of het verwachtingspatroon klopt.
  • Informatie gericht zoeken, ontbrekende informatie zoeken op basis van wat je al weet, eventueel raden.
  • optimaal gebruik maken van voorkennis.

Enkele voorbeelden van voorspelvaardigheid:
Wat weet je al van het onderwerp ?
Tekstsoorten herkennen en op vaste kenmerken afgaan (brief, horoscoop, advertentie)
Gebruik maken van titel, plaatjes, kopjes, tussenkopjes.

Ad 2. Structureren

  • Leren opbouw van tekst te doorzien, als geheel, alineaopbouw, relaties tussen alinea’s, functie van ondertitels, illustraties en woorden die de opbouw  markeren.
  • Structuur- elementen op zinsniveau zoals leestekens herkennen en betekenis benutten.

Enkele voorbeelden van structureren:
eenvoudige structuur herkennen, bijv. chronologisch of opsomming, kopjes maken bij alinea’s, delen van tekst in Nederlandse zin samenvatten, schematiseren, telegram van tekst maken door scheiden van hoofd- en bijzaken.

 Ad 3. Redundantie

De betekenis van een woord staat vaak op meerdere plaatsen in een tekst.

  • Woordraadstrategieën leren gebruiken: gebruik maken van het globale begrip van een tekst en van de context van onbekende woorden
  • Leren dat soms uit de woordvorm de betekenis af is te leiden
  • Controleren of geraden betekenis in geheel tekst past
  • Illustratie kan redundant zijn
  • Vaak dezelfde informatie in verschillende alinea’s met verschillende woorden.

Bron leesvaardigheid: Moderne Vreemde Talen in de Basisvorming; Herziene kerndoelen in de praktijk; Francis Staatsen